Kraamtijd

De kraamtijd begint direct na je bevalling.

Het is een periode van acht dagen waarin jij en je kindje kunnen herstellen van de bevalling. Op deze pagina lees je de belangrijkste informatie over de kraamtijd.

De eerste uren na je bevalling

Het is belangrijk om binnen zes uur na je bevalling te plassen.

Want als je blaas leeg is, heeft je baarmoeder de ruimte om weer samen te trekken. Dat beperkt je bloedverlies. Als het niet lukt om binnen zes uur na je bevalling te plassen, neem dan contact met ons op. Ga kort na je bevalling niet zonder begeleiding naar het toilet, het kan zijn dat je niet lekker wordt.

De eerste dagen kan het plassen een beetje branderig aanvoelen. Dat gevoel kun je verminderen door tijdens het plassen te spoelen met water (bijvoorbeeld met een bidon of door onder de douche te plassen).

Bloedverlies na de bevalling

De eerste dagen heb je bloedverlies.

Dat is meestal net zoveel of iets meer als tijdens een menstruatie. Het is normaal om stolsels verliezen, deze kunnen net zo groot zijn als een appel. Verlies je twee of meer van deze grote stolsels of is je maandverband binnen een half uur het kraamverband doordrenkt met bloed, neem dan contact met de dienstdoende verloskundige van In Spe verloskundigenpraktijk Rijssen op. Bel direct op het mobiele spoednummer: 06 219 008 90. Bloedverlies mag na de bevalling tot zes weken aanhouden.

Naweeën

Na de bevalling kan je last hebben van naweeën.

Naweeën zijn samentrekkingen van je baarmoeder om het bloedverlies tegen te gaan en om weer in zijn oude (niet zwangere positie) te retourneren. Naweeën zijn met name de eerste dag(en) te voelen en kun je ook met name voelen tijdens het geven van borstvoeding. Na een aantal dagen verdwijnen ze vanzelf. Je mag eventueel paracetamol gebruiken tegen de pijn. Wij adviseren je om de zes uur twee tabletten paracetamol van 500 milligram in te nemen.

Lichaamstemperatuur van je baby in de eerste dagen

Een normale lichaamstemperatuur voor een baby ligt tussen de 36,5 en 37,5 graden.

Je kindje kan de eerste dagen moeite hebben om zijn of haar eigen temperatuur te regelen. Bij een te lage temperatuur is het dus goed om bijvoorbeeld een extra dekentje te gebruiken of om een warme kruik bij je kindje te leggen.

Als de temperatuur van je kindje te hoog is, moet je het omgekeerde doen: haal de kruik weg en ook het dekentje als hij nog steeds te warm is.

De eerste dagen is het dus extra belangrijk om de temperatuur van je kindje goed in de gaten te houden. Wordt de temperatuur niet normaal na jouw ingrepen? Neem dan contact op met het spoednummer: 06 219 008 90.

Voeding

De keuze voor borstvoeding of kunstvoeding is persoonlijk.

Borstvoeding heeft echter wel bewezen voordelen voor moeder en kind in vergelijking met kunstvoeding. Soms lukt het niet om borstvoeding te geven,  dan is kunstvoeding een prima alternatief.

Veel kindjes zijn misselijk na de bevalling. Daardoor kan het zijn dat ze in de eerste 24 tot 48 uur niet goed willen drinken.

Bij borstvoeding mag je kindje zo vaak aanleggen als het zich meldt. Dat doet hij of zij door te zoeken met het mondje naar je borst of door smakgeluidjes te maken.

Als je kunstvoeding geeft, mag je in de eerste dagen om de drie uur 30cc voeding aanbieden. In de eerste dagen hoeft je kindje dit niet helemaal op te drinken.

  • Leg je baby binnen een paar uur na de geboorte aan de borst.
  • Probeer je baby binnen de eerste dagen elke twee tot drie uur aan te leggen. Door in het begin vaak aan te leggen, komt de borstvoeding sneller op gang.
  • Borstvoeding is een kwestie van vraag en aanbod: vraagt je kindje om voeding, dan kun je het meteen aanbieden.
  • Rooming in: neem je baby in de eerste weken bij je op de kamer.
  • Geef je baby naast de borstvoeding geen kunstvoeding, zonder te overleggen met In Spe verloskundigenpraktijk Rijssen.
  • Leg de baby opnieuw aan als pijn bij borstvoeding na een minuut niet verdwijnt.
  • Bied de eerste dagen bij elke voeding beide borsten aan.
  • Verbreek eerst het vacuüm voordat je jouw baby van je borst haalt.
  • Geef je baby vooral de eerste dagen geen fopspeen.

Kraambedcontroles en onderzoeken

In de eerste week na je bevalling ga je ons regelmatig zien.

Normaal gesproken bezoeken wij je op dag 1, 2, 3, 5 en 7. Samen met jullie kraamverzorgster bespreken wij tijdens deze visites met je hoe het gaat. Als je problemen ervaart, zoeken we samen met je naar een goede oplossing. Denk aan bijvoorbeeld lichamelijke klachten of borstvoeding die niet goed op gang komt.

Kraamzorg

Iedere vrouw die bevalt, heeft recht op kraamzorg.

Het aantal uren kraamzorg is bepaald volgens het landelijk indicatieprotocol kraamzorg. Standaard word je 49 uur kraamzorg aangeboden. We raden je aan om in ieder geval de minimale zorg van drie uur per dag aan te vragen. Als blijkt dat het aantal uren kraamzorg onvoldoende is voor je, kunnen wij extra uren indiceren.

Houd rekening met een eigen bijdrage voor de kraamzorg. Hoeveel dat is, vind je in de polis van je zorgverzekering.

Wat moet je regelen na de bevalling?

Na de geboorte van je kindje, moeten er een aantal zaken geregeld worden. De belangrijkste regelzaken zetten we hier op een rijtje voor je.

Het is verplicht om binnen drie dagen na de geboorte van jullie kindje hier aangifte van te doen bij de burgerlijke stand. De gemeente maakt dan een geboorteakte op. Jullie mogen natuurlijk zelf de voornaam van je kindje kiezen. Voor de achternaam moet je kiezen tussen de achternamen van de vader en moeder.

Met de geboorteaangifte bij de gemeente wordt je kind automatisch aangemeld bij een aantal belangrijke instanties.

Binnen vier maanden na de geboorte meld je je baby aan bij je zorgverzekeraar. Hoe je dat doet, hangt af van je zorgverzekeraar. Bel al in je kraamweek met je zorgverzekering om te vragen hoe je dat het beste aanpakt. Je kind is vanaf dat moment tot zijn 18e gratis meeverzekerd op de polis van jou of je partner.